Cao, arbo en pensioen

Op deze pagina:
  • Cao voor het Bioscoopbedrijf
  • De Arbocatalogus
  • RI&E
  • Pensioen

De Cao voor het Bioscoopbedrijf

De Cao verloopt per 1 juli 2016. Download hier de Cao voor het Bioscoopbedrijf 2014-2016. De Cao is formeel opgezegd tegen 1 juli 2017.

De Arbocatalogus

Op 1 februari 2012 heeft de Inspectie SZW zijn officiële goedkeuring gegeven aan de Arbocatalogus voor het Bioscoopbedrijf. Bij eventuele controles zal de Inspectie de Arbocatalogus gebruiken als referentiekader.
In het publieke domein, via wetgeving, zorgt de overheid voor een wettelijk kader met zo weinig mogelijk regels. De overheid stelt zg (wettelijke) "doelvoorschriften" vast. Dit is het niveau van bescherming dat werkgevers moeten bieden aan hun medewerkers, zodat zij veilig en gezond kunnen werken. Deze doelvoorschriften worden zo veel als mogelijk concreet beschreven.
In het private domein maken werkgevers en medewerkers samen afspraken over de wijze waarop zij binnen hun sector of branche invulling geven aan de door de overheid gestelde doelvoorschriften. Deze afspraken tussen de werkgevers en medewerkers zijn vastgelegd in de Arbocatalogus voor het Bioscoopbedrijf.
De afspraken zijn onderverdeeld in een minimaal verplichtend en een aanvullend vrijwillig karakter. Niet iedere bioscoop is in de gelegenheid (door kosten, bouw, invulling van werkzaamheden en samenstelling van personeel) om ook de vrijwillige voorschriften op te volgen. Naast uitvoering van deze Arbocatalogus voert de werkgever overleg over het arbeidsomstandighedenbeleid met de ondernemingsraad (OR) of een personeelsvertegenwoordiging (PVT).
De Arbocatalogus voor het Bioscoopbedrijf kan door iedereen worden geraadpleegd via de arbocatalogus voor het bioscoopbedrijf.

De Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) van het Bioscoopbedrijf

Achtergrond
Iedere werkgever in Nederland moet een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) opstellen. De grondslag hiervoor ligt in de Arbowet (artikel 5.1 t/m 5.6).

Om de bioscopen en filmtheaters hierin behulpzaam te zijn, zijn er diverse documenten/formats door de NVBF ontwikkeld waar gebruik van kan worden gemaakt. Dit zijn het document RI&E Format en Plan van Aanpak Bioscopen, het document RI&E Maatregelenboek Bioscopen, een RI&E Vraag en antwoorden lijst.

NVBF-leden kunnen de genoemde documenten downloaden door in te loggen op de Kennisbank van deze website. 

Controles door de Inspectie SZW
De Arbeidsinspectie (tegenwoordig: de Inspectie SZW) controleert of er een risico-inventarisatie en -evaluatie aanwezig is en (indien van toepassing) of daaraan is meegewerkt door een gecertificeerde Arbo-dienst (toets en advies). Indien de Arbeidsinspectie concrete risico's constateert die niet naar behoren volgens deze wet of het krachtens deze wet bepaalde zijn beperkt, treedt zij op die grond uiteraard op. Ook maakt de Arbeidsinspectie de werkgever attent op het gebrek in de risico-inventarisatie en -evaluatie. Het is dan aan de werkgever om dit gebrek met de Arbo-dienst te verhelpen. De Arbeidsinspectie vervult op deze wijze feitelijk wel een belangrijke functie bij het handhaven van de kwaliteit van de risico-inventarisatie en -evaluatie, zij het in tweede lijn. Over de uitvoering het plan van aanpak, als onderdeel van de risico-inventarisatie, moet de werkgever jaarlijks rapporteren en over deze rapportage moet vooraf overleg gevoerd worden met de ondernemingsraad of, bij ontbreken daarvan, met de belanghebbende werknemers.

De rapportage kan zowel schriftelijk als mondeling plaatsvinden. De inventarisatie en evaluatie moet worden aangepast als de daarmee opgedane ervaring, gewijzigde werkmethoden of werkomstandigheden of de stand van de wetenschap en professionele dienstverlening daartoe aanleiding geven. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het betrekken van een nieuw bedrijfspand. Over de actualiteit van de risico-inventarisatie en -evaluatie moet vooraf overleg worden gevoerd met de ondernemingsraad of, ingeval die er niet is, met belanghebbende medewerkers. De werkgever moet er voor zorgen dat iedere werknemer kennis kan nemen van de risico-inventarisatie en -evaluatie. Dit geldt ook ten aanzien van ingeleende krachten.

Pensioen

Vanaf 1 april 2012 vallen alle ondernemingen in het film-en bioscoopbedrijf onder de Film-en bioscoopregeling van het Bedrijfstakpensioenfonds voor de Media PNO. De pensioenrichtleeftijd is vanaf het jaar 2014 gesteld op 67 jaar.

Voor meer informatie over de inhoud van de PNO Film-en bioscoopregeling.